Een oude kathedraal in een nieuwe stad
06.09.2026
een bijdrage van Emma Devillé voor Festival 20·21
Nadat hij in 2024 met zijn debuutconcert Ex Nihilo iedereen omverblies, kreeg de jonge Leuvense pianist Brecht Valckenaers (° 2000) de vraag van Festival 20·21 om hun eerste festival artiest-in-residentie te worden. Drie seizoenen lang speelt hij twee concerten en deelt zo zijn vakmanschap met de wereld. Ondertussen bouwt hij ook een eigen professioneel netwerk op. “Festival 20·21 is echt het ideale platform voor mij op dit moment om mezelf te kunnen ontwikkelen op de manier die ik zelf helemaal wil.”
Ligeti als rode draad
Een centrale rol in zijn residentie is weggelegd voor het werk van de Hongaarse componist György Ligeti (1923-2006). Valckenaers streeft ernaar om tegen het einde van zijn residentie alle belangrijke pianowerken van Ligeti gespeeld te hebben. Afgelopen jaren bracht hij al diens Musica ricercata (1951-53) en werken voor twee pianisten. Dit jaar begint Brecht aan Ligeti’s achttien etudes, te beginnen met een selectie van dertien. “Om echt volledig te zijn, kan het dat ik in 2027 de andere studies nog speel, maar tegelijk is er geen noodzaak om echt élk werk van hem te hebben gespeeld.”
Naast Ligeti neemt hij ook zijn eigen composities op in de programma’s, met name zijn Rhythm Studies. “Het idee is om op het einde van het traject twaalf van die studies te hebben, naar voorbeelden als Chopin, Liszt en Debussy.” Deze combinatie van pianist en componist staat steeds centraal: “Ik vind het echt belangrijk om zelf iets nieuws te doen. Het zou jammer zijn klassieke muziek te behandelen als een dode taal en ik probeer muziek dus zelf te benaderen als een levende taal. Niet zoals Latijn, maar zoals Engels. En ik geloof echt dat daar ook de toekomst ligt.” Toch verwaarloost Valckenaers de traditie niet: “Ik zie klassieke muziek als een stad. Aan de ene kant is er een oude kathedraal, waar je zoveel van kan leren. Het is belangrijk om die te blijven onderhouden, zodat iedereen haar kan blijven ontdekken. Maar het is ook belangrijk dat er nieuwe gebouwen komen, anders krijg je een stad die enkel in het verleden leeft.”
Omdat Brecht Valckenaers in zijn concerten nu veel focust op Ligeti, wordt zijn muziek regelmatig met die van de Hongaar vergeleken: “Ik snap van waar het komt, maar zelf zie ik meer verschillen dan gelijkenissen in onze composities. We hebben zo’n andere benadering, leven in zo’n andere wereld. Net als hij heb ik een grote fascinatie voor de mogelijkheden van ritme, maar ik geloof dat we hier op een andere manier mee spelen.”
Een concert als mozaïek
In tegenstelling tot de klassieke concertopbouw, kiest hij consequent voor een mozaïsche opbouw. In plaats van elk stuk in zijn geheel of in de originele volgorde na elkaar te spelen, mengt hij verschillende stukken met elkaar. “Ik geloof dat de context waarin je een stuk speelt heel veel invloed kan hebben op de waarneming. De context kan een stuk een andere betekenis geven, of gewoon beter tot z’n recht doen komen. In Musica ricercata vond ik de overgangen van het ene stuk in het andere niet altijd even natuurlijk, binnen de set zelf. En dan dacht ik vaak: dat het met een andere opbouw naar sommige stukken toe nog veel specialer zou kunnen klinken.” En zo ontstond het idee om met stukken te schuiven en puzzelen. De ‘naturel’ waarmee hij dit doet, schrijft hij toe aan de invloeden van zijn vader, radiomaker Gerrit Valckenaers: “Misschien heb ik dat ook een beetje van mijn papa die voor de radio ook altijd bezig was met welke stukken mooi na elkaar passen. Hij kwam dan ook vaak trots naar mij toe om overgangen tussen stukken te laten horen: soms hoorde je bijna niet dat er een nieuw stuk gestart was.”
Met deze werkwijze zorgt Valckenaers ervoor dat elk concert een persoonlijk karakter krijgt. Als hij zelf composities schrijft, laat hij zich sterk beïnvloeden door het concertprogramma. “Voordat ik begin te schrijven, weet ik heel goed wat de context is. Hoe het begin of het einde moet zijn om natuurlijk in het programma te passen. Ik vind dat heel inspirerend voor het creatief proces.”
Solorecital On a Devil’s Staircase
Wie benieuwd is naar het resultaat, kan op 28 september terecht in het Maria Theresa College in Leuven voor Valckenaers’ solorecital On a Devil’s Staircase. Hier combineert hij de etudes van Ligeti met drie eigen nieuwe studies en fragmenten uit Palais de Mari (1986) van de Amerikaanse componist Morton Feldman (1926-1987). Feldmans werk, dat al lang op Valckenaers verlanglijstje stond, vormt een perfect contrast met Ligeti’s ritmische complexiteit. “Feldman werkt als een soort totale tegenhanger die rust brengt, als een soort ingebouwde ‘actieve’ pauzes in een concert dat een doorlopend geheel is. Palais de Mari is voor mij als een eeuwige een eindeloze stroom van al dan niet wederkerende motiefjes, die voelen alsof ze al lang aan het stromen waren voor het stuk start en nog lang zullen blijven verder stromen wanneer het stuk stopt. Door op het concert slechts fragmenten te spelen van het werk dat normaal een half uur duurt, wordt dit idee werkelijkheid, het is alsof je kleine delen ziet van een eindeloze rivier, ” licht Valckenaers toe.
Satellietconcerten NIEUW!
Omdat het jammer zou zijn om slechts fragmenten uit het meesterwerk Palais de Mari te laten horen, organiseert Festival 20·21 dit jaar ook een satellietconcert waarop Brecht Feldmans werk integraal uitvoert en Maarten Beirens toelichting geeft (24 september). De nieuwe formule van het satellietconcert wordt ook nog toegepast voor twee andere festivalconcerten, namelijk met Schuberts Fantasie in f (1828) en Brittens Lachrymae (1950) in een hoofdrol.
Samenwerking met het Karski Quartet
Naast zijn solorecital brengt Valckenaers op 13 oktober de pianokwintetten (1952 en 1965) van de onvolprezen Poolse componiste Grażyna Bacewicz (1909-1969) samen met het Karski Quartet. Deze keuze past bij zijn ambitie om minder bekende, maar hoogstaande werken onder de aandacht te brengen. “Ik heb Bacewicz een paar jaar geleden leren kennen via mijn vriendin en toen hebben we een week lang niets anders dan naar haar muziek kunnen luisteren, ook specifiek naar haar pianokwintetten. Dat is echt gewoon fantastische muziek.” Op de vraag of hij met het Karski Quartet die twee stukken wilde spelen, kon Valckenaers dus niet anders dan volmondig “ja” zeggen.
Toekomstplannen
Wat de toekomst brengt, is nog onzeker. In 2027 sluit Brecht Valckenaers zijn residentie af met een uitvoering van Ligeti’s pianoconcerto, samen met Spectra Ensemble. Voor zijn solorecital hoopt hij zijn reeks Rhythm Studies af te ronden: om tot twaalf studies te komen, moet hij er nog vier componeren. De samenwerking met Festival 20·21 zal in elk geval niet helemaal ophouden: “Het is wel de bedoeling altijd een beetje betrokken te blijven, of alleszins geregeld te komen. Het zou misschien niet meer jaarlijks zijn, maar die band blijft er wel. Het is het festival waarmee ik zelf ben opgegroeid. Het heeft mij eigenlijk ook mee gevormd. En er hangen momenteel nog veel ideeën in de lucht, het zou zonde zijn ze daar te laten hangen.”
Met zijn residentie bij Festival 20·21 bewijst Valckenaers dat klassieke muziek geen museumstuk hoeft te zijn. Wie zijn visie en vakmanschap zelf wil ervaren, kan terecht bij Festival 20·21 in september en oktober in Leuven.